Verdeling drijfmest na de eerste snede
De hoeveelheid drijfmest die na de eerste snede nog mag worden uitgereden, ligt meestal tussen de 15 en 20 m³ per hectare. Gebruik deze mest bij voorkeur op percelen die later in het seizoen nog worden gemaaid. Vul dit aan met kunstmest om tot een complete en gebalanceerde bemesting te komen.
Stikstof
In met nutriënten verontreinigde gebieden (NV-gebieden) is de stikstofgebruiksnorm met 20% verlaagd. Een goede verdeling van de meststoffen is essentieel. De beschikbare stikstofruimte varieert van ongeveer 200 kg N per hectare (zandgrond met beweiding) tot 308 kg N per hectare (kleigrond bij uitsluitend maaien). Deze normen kunnen per regio sterk verschillen. Je adviseur kan je verder helpen om te bepalen wat de normen zijn voor jouw regio.
Door de bemesting af te stemmen op de verwachte droge-stofopbrengst, kun je beter sturen op het gewenste eiwitgehalte in het kuilgras.
Kalium
De kaliumbehoefte hangt af van de bodemvoorraad, de verwachte droge-stofopbrengst en de hoeveelheid toegediende drijfmest. Gemiddeld is ongeveer 3,5 gram kali nodig per kilogram droge stof. In veel gevallen is een aanvullende kaligift nodig.
Voorbeeldberekening
- 42 m³ drijfmest × 5 kg K₂O per m³ = 210 kg K₂O
- Een grasopbrengst van 11 ton droge stof onttrekt circa 385 kg K₂O
Dit betekent dat er nog ongeveer 175 kg kali extra nodig is voor een optimale opbrengst.
Hieronder vind je twee bemestingsvoorbeelden gemaakt op verschillende grondsoorten.
Advies bemesting - zandgrond (NV-gebied, met beweiding)
| 2e | 3e | 4e | |
| Drijfmest 17 m³ | 17 m³ | ||
| KAS rendement | 130 kg | 100 kg | |
| Kali 60 | 100 kg | 100 kg |
Advies bemesting - kleigroend (Geen NV-gebied, met beweiding)
| 2e | 3e | 4e | 5e | |
| Drijfmest 17 m³ | 17 m³ | |||
| KAS rendement | 200 kg | 230 kg | 125 kg | 125 kg |
| Kali 60 | 100 kg | 100 kg |
Wil je meer weten over bemesting? Neem contact op met je adviseur.